Een brief aan Carola Schouten

Een brief aan Carola Schouten

6 min leestijd | Nieuws

Een blog van Zjane Plas

Goedemorgen mevrouw Schouten,

In deze onzekere tijd krijgt u ongetwijfeld heel veel brieven en e-mails van boeren. De een mogelijk nog onaardiger dan de ander. De afgelopen paar weken is er veel gebeurd in en rondom de agrarische sector. U weet er natuurlijk alles vanaf en u heeft er, net als alle veehouders zelf, dagelijks mee te maken.
Hoewel ik zelf niet afkomstig ben van een agrarisch bedrijf ben ik wel nauw betrokken bij de sector. Vorig jaar september heb ik mijn diploma dier- en veehouderij gehaald. En momenteel ben ik werkzaam bij een accountantskantoor, accon■avm, waar ik de boekhouding verzorg voor agrarische klanten. Naast mijn werk bij accon■avm ben ik elke zaterdag werkzaam bij een melkveebedrijf met 70 à 80 Groningse Blaarkoppen. Klinkt u wellicht wel bekend. Deze koeien zijn één van de rassen die staan vermeld op de lijst van zeldzame huisdieren. Al met al heb ik veel te maken met de agrarische sector en ik voel mij dus erg betrokken bij de sector.

Zoals hierboven al genoemd ben ik zelf niet afkomstig uit een agrarisch bedrijf. Maar mocht er een kans voordoen om in deze sector een eigen bedrijf te runnen zou ik die gelijk grijpen. Ik zou er vol enthousiasme aan beginnen! Wat mij dan opvalt, als ik dit vertel aan agrariërs, is dat ze mijn enthousiasme willen temperen. Ze vragen mij om goed over mijn keuze na te denken en er niet zomaar aan te beginnen. Immers zijn het tegenwoordig geen goede tijden voor veehouders. De meeste voorzien zelfs een niet al te rooskleurige toekomst en ze zijn bang voor wat er nog komen gaat.

U en ik weten allebei dat de uitdrukking ‘’stugge boeren’’ niet zomaar uit de lucht komt vallen. Boeren zijn in vergelijking tot ‘’normale mensen’’ toch een ander slag volk. Sommigen zeggen dat boeren wel gek moeten zijn om zoveel voor, omgerekend, zo weinig te werken. Wij noemen dat passie. Passie om met onze koeien bezig te zijn. Passie om alles te zien groeien. Passie om toch weer een stapje extra te doen om er zo meer uit te kunnen halen.

De meeste boeren zijn binnenvetters. Zit ze iets dwars, dan zullen ze dat niet snel aangeven. Ze laten veel over zich heen lopen, lopen mopperend het huis uit en gaan weer aan het werk. Eenmaal thuis, na een lange dag werken, voelen ze zich vaak weer een stuk beter. Een paar weken terug zijn er 2 protesten geweest door de boeren. En beide keren waren er ontzettend veel boeren aanwezig. Voor mij is dit een teken dat aangeeft dat het echt niet goed gaat in de agrarische sector. Er is heel veel nodig om zo enorm veel boeren naar Den Haag te laten komen. Dit is een teken dat de boeren het niet meer aankunnen.

Hoewel ik het echt heel graag zou willen, kan ik niet precies voelen wat de boeren voelen. Wel heb ik de onvrede van dichtbij meegemaakt. Op de dag dat de provincie Friesland bekend had gemaakt strengere regels toe te passen was ik op bezoek bij een klant om kennis te maken. De boerin heeft zich de hele tijd geëxcuseerd, omdat ik zo wel een heel slecht beeld van het bedrijf en de sector zou overhouden. Alle woede en twijfels over het bedrijf heb ik te horen gekregen. Voor mij was dat echt een eyeopener, alle emoties die het met zich meebracht kreeg ik die dag te zien. Dat moment heeft veel met mij gedaan. En hoewel de boerin zich, denk ik, weer zou verontschuldigen over hoe het die middag is gegaan, ben ik heel blij dat ik een inkijkje heb kunnen krijgen.

Ik denk zelf ook veel na over de toekomst. Mijn ideale toekomstbeeld zou zijn dat ik ergens een melkveebedrijf over kan nemen en die met passie kan runnen. Voor het runnen van een melkveebedrijf zie ik ook wel een toekomst voor mij.
Die toekomst kan alleen maar waargemaakt kunnen worden als de politiek ongeveer dezelfde toekomst voor zich ziet voor de agrarische sector. En hoewel veel boeren niets liever willen dan met rust gelaten worden, zodat ze gewoon hetgeen kunnen doen waar ze het meest van houden, bemoeit de politiek zich er toch vaak mee. En ook dat snap ik volledig. De politiek moet zich ook met alles bemoeien.

De afgelopen jaren zijn er grote verbeteringen aangebracht in de agrarische sector. Het dierenwelzijn, de biodiversiteit en grondgebondenheid is de afgelopen jaren verder verbeterd. Maar de afgelopen tijd zijn de ontwikkelingen binnen de agrarische sector toch anders. Hierdoor kan ik het niet helpen om af te vragen hoe de politiek de toekomst van de agrarische sector voor zich ziet. Ik ben er bang voor dat de Nederlandse politiek geen toekomst meer ziet voor de agrarische sector. Ik ben er bang voor dat jullie over mogelijk 20 jaar geen bedrijfsmatige veehouderij meer in Nederland willen. Dat is namelijk hoe het overkomt vanuit jullie. Het moet allemaal maar steeds kleiner en steeds minder, maar waar houdt het op? Waar stopt het dan? Wanneer zijn jullie tevreden? Naast dat boeren stug zijn, houden ze er vaak ook van om recht door zee te zijn. De meeste willen graag weten waar ze aan toe zijn, waar ze naartoe moeten bouwen. Als minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit moet u wel een bepaald toekomstbeeld hebben van de agrarische sector. Ik kan denk ik wel vanuit ons allemaal spreken als ik zeg dat ik graag wil weten wat de politiek de komende 20 jaar wil doen met de agrarische sector. Al is het antwoord dat de politiek over 20 jaar geen landbouw meer wil hebben hoor ik het nog graag. Wat dat betreft lijk ik wel op een boer, want ook ik hou graag van duidelijkheid.

Zjane Plas,

Liefhebber van Groninger Blaarkoppen.